Categorie archief: Uitstapjes en evenementen

Bezoek aan het Provinciehuis van Antwerpen

Het markante gebouw met de ontelbare driehoekige ramen aan de Koningin Elisabethlei was ik al zo vaak gepasseerd en het voorbije weekend kon ik er eindelijk eens een kijkje gaan nemen!

De bouw van het vorige Provinciehuis was voltooid in 1970, maar in 2013 werd het al gesloopt. Het vertoonde heel wat gebreken (betonrot, waterinsijpeling, asbest) en was niet meer echt geschikt en aangepast aan de tijd. Vermits renoveren te duur zou zijn, werd beslist het af te breken en er een nieuw gebouw op te trekken. Op de open oproep voor de ontwerpopdracht voor de bouw van een nieuw Provinciehuis kwamen een 80-tal inzendingen binnen waaruit er tien werden weerhouden, vijf Belgische en vijf internationale. Uiteindelijk won het ontwerp van de Brusselse architect Xaveer De Geyter.

Kenmerkend voor het gebouw zijn de 683 identieke driehoekige ramen en de zwenk in het torengebouw. Met zijn 14 verdiepingen en een hoogte van 57 meter is het lager dan het vorige provinciehuis, wat opportuun is omdat het op de vliegroute van de luchthaven van Deurne ligt. Ook de vloeroppervlakte is kleiner dan bij het vorige gebouw. De duurzame passiefbouw werd eind 2018 in gebruik genomen.
We konden een kijkje nemen in de raadzaal, de bibliotheek, het auditorium en de verschillende kabinetten. We gingen ook voorbij de schilderijen van de verschillende gouverneurs die allemaal op een rij hangen. Alleen Cathy Berx ontbreekt nog maar dat zal niet lang meer duren, er wordt momenteel gewerkt aan haar portret!

De betonstructuur van de wanden is bijna overal zichtbaar. Door de vele schuine muren is het niet zo evident om kunstwerken op te hangen. Daarom voorzag Nico Dockx in de publieke zone een kunstenkabinet waar heel wat te bewonderen is. Momenteel kan je de tentoonstelling bekijken “KOPPEN – Portretten en Bustes”, die nog loopt tot 30 maart. Daarna komt weer een ander thema aan bod.

Voor de grote tuin die het gebouw omringd moest het bovengronds parkeerterrein wijken, een parking bevindt zich nu ondergronds. Samen met het Harmoniepark en het Albertpark is er heel wat groen in de buurt aanwezig.
Deze Antwerpse landmark vind ik een prachtig modern gebouw waar het binnen erg licht en ruim is zonder kil en ongezellig aan te voelen.

Advertentie

Daguitstap naar Ventimiglia

Tijdens ons verblijf in Nice besloten we eindelijk eens een daguitstap naar Italië te maken. Vermits Ventimiglia vlakbij de Franse grens ligt, aan de Ligurische kust, was de keuze snel gemaakt. Thuis had ik de bezienswaardigheden al gegoogeld, maar echt veel bleek er niet te zien te zijn.

We besloten de trein te nemen, een retourticket kost 16.40 euro per persoon. De rit van een klein uurtje passeert langs de mooie dorpjes aan de Franse Rivièra en laat je genieten van schitterende uitzichten.

Het treinstation bevindt zich in het centrum van Ventimiglia. Je loopt gewoon rechtdoor langs de Via della Republica tot aan de rivier Roia, die de stad in twee verdeelt. Je komt langs de overdekte markt die alle voormiddagen open is behalve op zondag.  Net na het park bereik je de rivier met de ontelbare vogels en eenden. Als je naar links gaat, ben je iets sneller aan de zee wat we besloten te doen.

Daarna keerden we terug naar de Roia en een eindje verder staken we de brug over naar het andere stadsgedeelte. Na een wandeling in de moderne haven, dronken we koffie op een leuk terras; super lekkere koffie en zo goedkoop (4 euro voor een cappuccino en een espresso). In de tunnel (Galleria Scoglietti) kan je de lift naar het hoger gelegen stadsgedeelte nemen (wat was dat handig!) en genieten van prachtige uitzichten. Lunchen deden we bij Bar Canada (naast de overdekte markt) waar heel veel volk zat, maar de pasta in Frankrijk was veel lekkerder 🙂

De letterlijke vertaling van Ventimiglia is 20 mijlen en soms zie je in het straatbeeld ook “XXmiglia” staan. Het grote verschil met de Franse badsteden viel ons onmiddellijk op, Ventimiglia is wat ruwer en minder hip, maar we hebben er ons zeker niet onveilig gevoeld.

Het kuststadje leent zich goed voor een ontspannend  uitstapje met leuke terrasjes. Een halve dag was voor ons zeker voldoende. Ik ben blij dat ik er geweest ben, maar denk niet dat ik er de eerste jaren nog zal terugkeren. Volgende keer proberen we San Remo!

Herfstvakantie in Nice

We zijn net terug thuis van een heerlijke week aan de Côte d’Azur. Dit jaar zijn we een beetje vroeger dan gewoonlijk geweest. Het weer was schitterend, op een voormiddag regen na. Voor twee vrouwen is dat echter niet zo erg want dat valt op te lossen door te gaan shoppen 🙂 In de toekomst denk ik dat we wel niet meer in deze periode zullen gaan, het was immers voor velen herfstvakantie en daarom veel drukker dan gewoonlijk.

Onze dag startten we steevast met een koffietje op de bloemenmarkt die iedere dag plaatsvindt behalve op maandag. Dan is het antiekmarkt en dat is niet zo ons ding. Dat was dan ook de reden dat we op maandag een daguitstap maakten.

Een wandeling op de Promenade des Anglais en de klim naar boven tot Colline du Chateau – met de trappen of iets makkelijker met de lift – is ook zeker een must-do als je in Nice bent. De waterval is erg mooi en je kan een beetje verder heerlijk zitten op één van de twee terrassen met schitterend uitzicht. Het is wel oppassen als je er iets eet, want we hebben een meeuw met het broodje van een man aan de haal zien gaan…

’s Middags gingen we elke dag op een andere plaats lunchen. Soms hadden we dan ’s avonds niet veel meer nodig en dan was het heel fijn om de dag af te sluiten bij Mamma Mia en er een pizza te delen bij een cocktail.

Voor het eerst sinds lange tijd hebben we ook twee daguitstappen gemaakt, naar Menton en het Italiaanse Ventimiglia, maar daarover binnenkort meer.

Het Kunstuur – een vernieuwend kunstproject

Met “Het Kunstuur” proberen de broers Hans en Joost Bourlon iedereen warm te maken voor kunst. Zij erfden deze interesse van hun grootvader, kunstschilder Jozef De Bie.

Het Kunstuur is al aan zijn vierde editie toe die nog loopt in Mechelen tot 30 november. De eerste ging van start in 2019, net voor corona uitbrak. Het concept is ondertussen razend populair. In Hasselt loopt ook een tentoonstelling die nog te zien is tot 8 januari en in 2023 kan je het concept in Roeselare gaan bewonderen.

Concept:
1 uur, 30 schilderijen, 22 Belgische kunstschilders en
verhalen van een handvol bekende en minder bekende Vlamingen…

Op vrijdag probeerde ik nog tickets voor zaterdag te bemachtigen, maar enkel voor het tijdsslot van 10 uur kon ik nog twee kaartjes reserveren. De prijzen variëren tussen 10 en 15 euro al naargelang het moment. Het bezoek gebeurt in kleine groepjes van slechts 8 personen.

Je ziet de klok aftellen en als die op 0.00 staat, opent de deur en mag je met je klapstoeltje en hoofdtelefoon naar binnen. De kunstwerken – uit de periode van 1850 tot 1950 – staan opgesteld in drie ruimtes.

In de eerste twee kamers vertellen bekende en minder bekende Vlamingen via digitale hologramtechnologie hun persoonlijk verhaal bij een schilderij. De werken worden één voor één belicht en het ene verhaal is al aangrijpender dan het andere. Alexander De Croo, onze premier, bijt de spits af. Het verhaal van Phara De Aguirre maakte het meeste indruk op mij. Ze staat stil bij “Juan” van Victor Leclerq en vertelt hoe haar vader naar België is gekomen. Dirk De Wachter, Annelies Verlinden, Anuna De Wever, Martin Van Steenbrugge, Jan De Smet,… passeren allemaal de revue, maar wie ik niet in dat rijtje had verwacht was Radja Nainggolan.

Dirk Brossé vertelt ook zijn verhaal en zorgt tevens voor de prachtige achtergrondmuziek tijdens het ganse traject. Werken zien we van o.a. James Ensor, Rik Wouters, Paul Delvaux, René Magritte en Léon Spilliaert.
In de laatste ruimte, de Heilige Geestkapel, voert Jo De Meyere het woord bij de schilderijen.

We waren erg onder de indruk van deze ongewone tentoonstelling. Ook mensen die niet echt van kunst houden kunnen zo op een laagdrempelige manier kennismaken met de Belgische schilderkunst. Ik had al veel positiefs gehoord over Het Kunstuur, maar om eerlijk te zijn heeft het mijn verwachtingen nog ver overtroffen! Nadien praatten we in het gezellige Kunstuur-café er recht tegenover nog wat na. 

Het Mundaneum in Mons – “Google op Papier”

Tijdens ons weekendje Mons wilde ik absoluut het Mundaneum bezoeken, wat gehuisvest is in een mooi art-deco gebouw in een zijstraat van de Grand Place.

Op het gelijkvloers vind je de archieven die je gratis kan bezoeken. Op de verdieping worden tijdelijke tentoonstellingen georganiseerd waarvoor je wel dient te betalen. Ik was echter vooral geïnteresseerd in wat zich op de begane grond bevond, het “Google op Papier” zoals het in de volksmond wordt genoemd. Het Mundaneum is ondertussen een verzameling van 6 kilometer documenten of ongeveer 10 miljoen stuks!

Al heel lang is men gefascineerd om alles wat bestaat in kaart te brengen en zo ontstond in 1910 het Mundaneum. De oprichters Paul Otlet (1868-1944) en Henri La Fontaine (1854-1943) kregen hiervoor van koning Albert I de nodige ruimte in een vleugel in het Jubelpark in Brussel. Ze veronderstelden dat meer kennis de wereldvrede zou bevorderen en daarom wilden ze alle kennis van de wereld verzamelen en onderbrengen in een Universeel Bibliografisch Repertorium.

Dit systeem bevat bibliografische steekkaarten die volgens een decimaal classificatiesysteem gerangschikt worden. Dit is het systeem dat vroeger in de bibliotheken werd gebruikt voordat het opzoeken via het internet gebeurde. Henri La Fontaine ontving in 1913 de Nobelprijs voor de Vrede.

Wat erg leuk is in het museum is dat je een fiche kan nemen en proberen uit te vissen tot welke categorie (en subcategorieën) de steekkaart behoort en er meer informatie over krijgt.

In 1998 werd het museum overgebracht naar Mons en in juni 2013 werd het ingeschreven op de Unesco Werelderfgoedlijst voor documenten. Het kreeg een serieuze opknapbeurt tegen 2015 toen Mons Culturele hoofdstad van Europa werd. Dit werd mogelijk dankzij serieuze donaties van de Waalse overheid en Google.

Rue de Nimy 76, 7000 Mons
Open: woensdag tot vrijdag van 13 tot 17 uur en in het weekend van 11 tot 18 uur

Floraliën in het Paleis op de Meir

De eerste boutique-editie van de gekende Gentse Floraliën vindt tot en met zondag plaats in het Koninklijk Paleis op de Meir in Antwerpen. In dit 18e eeuwse stadspaleis – een echte rorcocoparel – geven topfloristen uit binnen- en buitenland het beste van zichzelf. Ze lieten zich inspireren door het interieur en hun voormalige bewoners. In 1745 liet koopman Johan Alexander van Susteren het stadspaleis bouwen. In 1811 laat Napoleon Bonaparte het herinrichten, alhoewel hij er zelf nooit zou verblijven. In 1814 krijgt Willem I het in handen en in 1830 wordt het Belgisch koningshuis eigenaar. Vandaag wordt het beheert door erfgoedstichting Herita. De 15 prachtig versierde zalen combineren onze rijke geschiedenis met een florale vormgeving van wereldklasse.

De tickets kosten 15 euro in voorverkoop en aan de kassa betaal je 20 euro. Je dient ook een tijdsslot te kiezen. Een bezoek duurt een klein uurtje. Toen wij arriveerden, waren alle tickets voor de drie volgende tijdssloten uitverkocht, dus indien je wil gaan best vooraf kaartjes kopen!

Ik wilde al lang eens naar de Gentse Floraliën, maar het was er nog nooit van gekomen. Ook het Koninklijk Paleis had ik nog nooit bezocht. Vroeger was ik al wel in de voormalige brasserie gaan lunchen en ik had ook al pralines in de winkel van Dominique Persoone gekocht, maar verder had ik nog niets van het stadspaleis gezien. Nu deze eerste boutique-editie in Antwerpen neerstreek, was dit dus de ideale gelegenheid, twee vliegen in één klap! We gingen met een groepje van zeven en vonden het allemaal erg mooi! Het was ook duidelijk te zien dat elk salon door een andere florist was gedecoreerd. Zo merkten we een grote verscheidenheid in kleur en stijl bij de prachtige bloemencreaties. Toch waren het stuk voor stuk pareltjes en als je het mij vraagt, zeker een bezoek waard!

Weekendje Mons

Naar Wallonië gaan we niet vaak, maar onlangs had ik een nacht in Mons geboekt. Mons – of in het Nederlands Bergen – ligt in de provincie Henegouwen en werd in 2015 Culturele hoofdstad van Europa. Het is een vrij kleine stad waar alle bezienswaardigheden op wandelafstand liggen. Onze auto parkeerden we (gratis) op Place Nervienne en van daaruit was het niet ver lopen tot het centrum van de stad.

De Grand Place is een erg mooi plein met veel groen en een waterpartij. Het stond vol terrassen en wat me opviel was dat ze bijna overal dezelfde tafels en stoelen hadden. Het stadhuis wordt momenteel gerenoveerd waardoor de gevel met een zeil bedekt is. Zo konden we “het aapje van Bergen” helaas niet zien. Dat is een klein bronzen beeldje aan de voorgevel van het stadhuis. Als je met je linkerhand over zijn hoofd streelt, zou je een wens mogen doen. Vroeger werden de ondeugende kinderen er als straf aan vast gemaakt.

Via de poort van het stadhuis en door de voetgangerstunnel kwamen we in “Jardin du Mayeur” of de tuin van de burgemeester. Dit is een mooi rustig plekje gelegen midden in het hart van de stad. Daar staat “Le Ropieur”, de kwajongen uit Mons die speelt met het water van de fontein en probeert om de voorbijgangers nat te spetten.

We zijn ook naar het belfort geweest dat omgeven is door een grasveld. Het is 87 meter hoog en je ziet het van overal in de stad. Met een lift kan je naar boven om vervolgens met de trappen terug naar beneden te gaan, maar omwille van de hitte hebben we dat niet gedaan. Het belfort werd gebouwd in 1661 en staat sinds 1999 op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO.

In de mooie Sint-Waltrudiskerk vind je zowel het schrijn als de vergulde koets die tijdens het folkloristische Doudou festival door de stad worden gedragen.

Via de toeristische dienst hadden we een plannetje gekregen voor de Street Art wandeling, “Kunst bewoont de stad”. Nadat we een gedeelte van deze wandeling hadden gedaan, stopte een politiecombi bij ons en vroeg of alles ok was, waarop wij bevestigend antwoordden. Ze gaven ons de raad terug naar het echte centrum te gaan omdat dit geen wijk voor toeristen was 😊

Wat me opviel was dat Mons veel mooie kleine rustige plekjes heeft. Het meest interessante in de stad vonden wij het Mundaneum of in de volksmond “het Google op papier”, maar daarover later meer.

Het was bloedheet en daarom hebben we minder gezien dan ik in gedachten had. De scheepslift van Strépy-Thieu en Maison Losseau had ik nog graag bezocht. Dit laatste zou een pareltje van art nouveau zijn en naar het schijnt krijg je er pantoffeltjes om aan te doen zodat je het parket niet beschadigt. Mons is een stad die me echt verrast heeft en we keren zeker nog eens terug!

Opening KMSKA dit weekend!

Maandag bezocht ik het KMSKA in avant-première. Na 11 jaar en meer dan 100 miljoen euro aan investeringen later, kan het museum vanaf zaterdag opnieuw bezocht worden door het grote publiek en ik kan nu al verklappen dat het genieten is. Ik was echt onder de indruk!

Het museum is flink uitgebreid en heeft 50 zalen. Het zijn eigenlijk twee verschillende musea in één. Enerzijds heb je de zalen in aardse kleuren en met mooi parket waarin de oude meesters gehuisvest zijn. Anderzijds heb je de modernere kunst – van na 1880 – in hagelwitte blinkende ruimtes met indrukwekkende dakkoepels en de “stairway to heaven”.

De kunstwerken hangen gegroepeerd rond thema’s in plaats van chronologisch. Zo vind je de Madonna van Jean Fouquet in dezelfde ruimte als een werk van Luc Tuymans. Er is ook een grote collectie van zowel Ensor als Rubens aanwezig.

Enkele zalen zijn gewijd aan de geschiedenis en de renovatie van het museum. Er werd veel aandacht besteed om het museum voor iedereen een interessante beleving te maken. Zo werd er aan de kinderen gedacht door speelse elementen in de ruimte toe te voegen. Christophe Coppens, die we vooral kennen als modist of hoedenmaker, heeft details uit schilderijen uitvergroot zoals een dromedaris, een hondje, een grote hand,…

Dit weekend is eindelijk het grote openingsweekend waarnaar al zo lang werd uitgekeken. Er wordt van alles georganiseerd op het plein en in de tuin van het museum. Allen daarheen zou ik zeggen!

Hautvillers – de wieg van de champagne

Zoals ik vorige keer al schreef, was het de eerste keer dat we Hautvillers bezochten. Het is een pittoresk dorpje met smalle straatjes, een gezellig dorpsplein met groot terras dat ons wat aan het zuiden van Frankrijk deed denken (misschien mede door de warme temperatuur 😊).

We parkeerden onze wagen op de gratis parking Jard Kiedrich in het centrum, waar je al onmiddellijk verwend wordt met een prachtig uitzicht op de wijngaarden.  Eerst gingen we langs bij de toeristische dienst voor wat meer info. Op datzelfde plein bevindt zich ook Café d’Hautvillers met het grote gezellige terras waar we een koffie dronken voor we op pad gingen.

Hautvillers werd gesticht in 658 en staat vooral bekend als de geboorteplaats van de champagne. De wijngaarden van het dorp staan sinds 2015 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Ze zijn geklasseerd als “1er cru” en strekken zich uit over 275 hectare. Alle drie de druivenrassen die gebruikt worden om champagne te maken, worden er gecultiveerd.
Dom Perignon (1639-1715) is de monnik die aan de wieg van de champagne stond. Hij startte met het combineren van de drie druivenrassen (Pinot Noir, Pinot Meunier en Chardonnay), ontdekte dat door middel van dubbele fermentatie de bubbels ontstonden, introduceerde de sterkere flessen die deze tweede gisting op fles konden verdragen en gebruikte de champagnekurk.

In het park Pierre Cheval staat sinds 11 juni 2022 zijn beeld. Dit bronzen beeld van 700 kilo werd gemaakt door Juan-Carlos Carrillo. We namen ook een kijkje in de abdijkerk Saint-Sindulphe waar Dom Perignon naast Dom Ruinart begraven ligt.

In Reims en Epernay hebben we al veel grote champagnehuizen bezocht en daarom wilde ik in Hautvillers een kleine champagneboer bezoeken. Na wat gegoogel kwam ik bij G. Tribault, maar toen we arriveerden, merkten we al snel dat dit eigenlijk niet was wat we zochten (een beetje tussen de grote champagnehuizen en de kleine boeren). De tasting vond plaats in een grote ruimte met adembenemend zicht op de wijngaarden. Er stonden verschillende tafels die bijna allemaal vol zaten. Bij aankoop van 6 flessen kreeg je gratis 3 degustatieglaasjes. We ontdekten er naast de champagne ook Ratafia, een natuurlijk aperitief met verse aroma’s van framboos en cassis dat me wat aan porto deed denken.

Hautvillers doet heel authentiek aan met de traditionele huizen en smalle steegjes. Meer dan 140 woningen hebben ook een smeedijzeren bordje aan de gevel dat in het verleden verwees naar het beroep van de bewoners.

Het is een dorpje dat je zeker niet mag missen als je de Champagnestreek bezoekt! Het enige minpuntje vind ik dat er praktisch geen mogelijkheden zijn om lekker te lunchen.

Champagnestreek – zomer 2022

Ieder jaar gaan we enkele dagen naar deze regio en meestal logeren we in Reims. Dit jaar had ik echter een hotel in Epernay geboekt. Vorig jaar hebben we gepicknickt bij Moët&Chandon en dat was geweldig. Alleen moest ik het bij twee glaasjes houden omdat we nog naar Reims moesten rijden. Ook de champagneterrasjes op de Avenue de Champagne vind ik geweldig en bovendien liggen veel van de dorpjes die ik nog wil bezoeken dichter bij Epernay dan bij Reims.

In de tuin van het stadhuis van Epernay vertoef ik graag, het is er heerlijk zitten met een fijn boek. Uiteindelijk hebben we dit jaar niet opnieuw ingeschreven voor de picknick in de tuin van Moët&Chandon, 75 euro per persoon vond ik te duur. Wel hebben we genoten van de champagne en een kaas-en charcuterieplankje op ons favoriete champagneterras Collard-Picard.

In Reims wilde ik al heel lang eens een bezoekje brengen aan bibliotheek Carnegie. Deze werd genoemd naar Andrew Carnegie die ook aan de basis ligt van de bibliotheek van Leuven. Het is een meesterwerk inzake art deco. Toch was het een erg kort bezoek want het voelde voor mij niet echt gepast om in de bibliotheek rond te wandelen terwijl de mensen daar in stilte zaten te lezen. We sprongen ook nog even binnen bij mediatheek Jean Falala om daar op de bovenste verdieping van het uitzicht over de kathedraal te genieten. Dit gebouw is een hoogstandje op gebied van glas- en staalconstructie. Spijtig genoeg belemmerde de zonnewering het uitzicht een beetje. Gelukkig was onze lunch bij Excelsior wel geweldig. Hun terras vind ik persoonlijk één van de fijnste plekjes in Reims om te lunchen.

Hautvillers is een dorpje waar we nog nooit geweest waren. Het is erg pittoresk met smalle straatjes en een gezellig dorpsplein dat me wat aan Zuid-Frankrijk deed denken (misschien mede door de warme temperatuur 😊). Het staat bekend als de geboorteplaats van de champagne en vanwege Dom Perignon, maar daarover later meer in een aparte blog.