Horlogerie in Genève: MUSEUM PHILIPPE PATEK

dav

Op onze trip naar Genève vond ik dat we iets in verband met uurwerken moesten gezien hebben. Zwitserland is immers het land van de horlogerie! Sinds 2001 is er in Genève het museum van Philippe Patek, dat naar het schijnt de grootste (meer dan 2000) en kostbaarste horlogeverzameling ter wereld heeft! Philippe Patek is één van de vier grote en tevens misschien wel het meest gerenommeerde bedrijf binnen de horlogewereld. Het is bovendien het laatste onafhankelijke familiebedrijf dat uurwerken maakt in Genève.

De inkomprijs bedroeg 10 CHF, maar met onze Geneva Pass konden we gratis binnen. Ik had me op voorhand geïnformeerd over geleide bezoeken. Ze waren mogelijk op zaterdagnamiddag en zouden een kleine twee uur duren. Dat vond ik nu net een beetje te lang en daarom besloten we op eigen houtje het museum te bezoeken.

dav
Op het gelijkvloers begonnen we met een film over de geschiedenis van het bedrijf. Op 1 mei 1839 sloegen twee Poolse immigranten Antoni Patek (zakenman) en François Czapek (horlogemaker) de handen in elkaar. In 1844 ontmoette Patek de Fransman Jean-Adrien Philippe die het eerste horloge maakte zonder opwindsleutel. Een jaar later verlaat Czapek het bedrijf en in 1851 komt Philippe er officieel bij. In 1932 kochten de twee broers Stern het bedrijf en nu staat de vierde generatie van die familie aan het roer!
Daarna kan je op drie verdiepingen de historische collectie zien (16e tot 19e eeuw) en de collecties van Patek, naast nog een stukje van de geschiedenis van het bedrijf.

dav

In het museum was het niet toegelaten om foto’s te maken. Het bezoek viel ons eigenlijk tegen. Eerst vreesden we dat we toch beter een geleid bezoek hadden genomen, maar toen we de gids bezig hoorden, beseften we dat dat zeker niet het geval was. We waren niet genoeg in uurwerken geïnteresseerd voor zo een uitgebreid bezoek.

Erg interessant vond ik het dus eigenlijk niet, eerder een beetje saai… Wat ik wel bijgeleerd heb, is dat de oprichter van het horlogemerk niet Philippe Patek noemde, maar dat het ging om twee mannen: mijnheer Philippe en mijnheer Patek!

Advertenties

Petal fresh organics shampoo & conditioner – review

dav

Zoals ik hier reeds vertelde, had ik soms last van een jeukende hoofdhuid en wat haarverlies. Daarom stelde ik me de vraag of dit zou kunnen komen door de ingrediënten in mijn gebruikelijke shampoo. Bij Holland & Barrett vond ik het Amerikaanse merk Petal Fresh Organics.
Dit is afkomstig uit het zuiden van Californië en werd opgericht door mensen die op zoek waren naar een meer natuurlijke en gezondere levensstijl. Bij Petal Fresh Organics geloven ze dat wat je op je lichaam smeert, even belangrijk is als wat je eet. Als je de ingrediëntenlijst bekijkt, merk je dat die erg duidelijk is opgesteld. Bij de Latijnse naam staat uitgelegd wat de oorsprong van het ingrediënt is.
Buiten shampoo en conditioner hebben ze ook nog andere verzorgingsproducten, maar die zijn – volgens mij – zowel in België als in Nederland niet te verkrijgen .
Er zijn verschillende lijnen van de haarverzorging; ik probeerde de shampoo uit de tea tree lijn en de conditioner uit de lavendel lijn.

Wat belooft het?

  • 100% organisch
  • vegan
  • geen sulfaten
  • parabenenvrij
  • geen kleuren en geuren toegevoegd
  • niet op dieren getest
  • Ph balanced
  • geen ggo’s
  • geen phthalaten
  • glutenvrij
  • geen harde chemicaliën

Scalp treatment shampoo met tea tree olie

  • doorzichtige gelachtige structuur
  • de shampoo schuimde wel, maar heel wat minder dan gewone shampoo (dit is even wennen)
  • tea tree heeft natuurlijke ontsmettende eigenschappen
  • lekkere natuurlijke kruidige geur
  • de shampoo geeft je een schoon en fris gevoel.

Anti-frizz conditioner met lavendel

  • dikkere wittige structuur
  • bevat alcohol
  • ontwart mijn haar niet echt goed

Nadat ik beide producten een tijdje gebruikt had, had ik geen last meer van een jeukende hoofdhuid en ook veel minder haarverlies. De shampoo vind ik erg goed, de conditioner kon mij niet echt bekoren. Van een conditioner verwacht ik dat hij mijn haar gemakkelijk ontwart en dat doet hij niet zo goed.
De producten zijn ook goed geprijsd: 475 ml voor 6.99 euro. Daarnaast zijn ze ook 36 maanden houdbaar, wat erg lang is voor natuurlijke producten.

De shampoo ga ik zeker nog kopen,
van de conditioner was ik niet echt tevreden.

Eindelijk naar Chez Fred!

fred1
Op een warme zondagmiddag gingen we lunchen bij Chez Fred in de Kloosterstraat. Dit is een bekend adresje in Antwerpen, maar ik was er nog nooit geweest. We mochten zelf een tafeltje uitkiezen op het gezellige en eigentijdse terras. Gelukkig lag het terras op de middag in de schaduw en informeerde de vriendelijke dame ons dat we op de laatste rij van het terras al snel in de zon zouden zitten. Dat was voor ons geen optie😊 Ik vond het wel spijtig dat het allemaal krukjes waren zonder rugleuning (buiten de achterste rij, dat was een bank).

fred2

Nadat we de kaart hadden gekregen, werd het donkerbruine brood (samen met de boter) in een bruin papieren zakje op tafel gelegd. Het bestelde glaasje rosé werd aan tafel ingeschonken, wat ik een absoluut pluspunt vind.

We bestelden beide een steak tartaar met sla en frietjes. Je had de keuze tussen “à la minute” (19.50 euro) en “aller-retour” (20.50 euro). In de meeste restaurants in België heb je die keuze niet en wij gingen voor de “à la minute”. Op de meeste plaatsen is een steak tartaar al bereid, maar hier was hij puur en diende je hem nog zelf aan te maken met het eitje, de worcestersaus, de tabasco, de uitjes en de augurkjes. Ik ben een grote fan van steak tartaar en ik moet zeggen dat hij hier erg lekker was. Er waren uiteraard frietjes met mayonaise bij en een klein slaatje. Na nog een Illy-koffie keerden we tevreden huiswaarts.

fred3

Mijn conclusie voor Chez Fred:
lekker eten, aangenaam zitten en erg vriendelijk personeel,
een aanrader!

Haar wassen: full, low of no poo?

davMomenteel is er heel wat te doen over ingrediënten in cosmetica. Ook in shampoo zitten allerlei bestanddelen die niet echt gezond zijn voor je haren en je hoofdhuid: sulfaten, siliconen, parabenen,… Veel mensen hebben tegenwoordig last van roos, een jeukende hoofdhuid, haaruitval, vet haar, …

Als reactie hierop hoor je steeds meer van “no poo”. Het betekent je haren wassen zonder synthetische reiniger – lees: shampoo. De aanhangers van “no poo” wassen hun haar enkel met water, sommigen vervangen shampoo door bakpoeder, eieren, azijn, roggemeel, bier of zelfs appelmoes.

Indien je een gewone shampoo gebruikt, spreekt men van “full poo”. Sulfaten doen hier dienst als reiniger en meestal zitten er ook nog conserveermiddelen (parabenen), siliconen en parfum in. Deze soort shampoos reinigen goed en schuimen ook erg goed – wat een aangenaam gevoel geeft. Ze zijn wel vrij agressief en kunnen de hoofdhuid en het haar beschadigen.

Een tussenoplossing is “low poo”. Dit soort shampoos bevatten wel reinigers, maar niet in de vorm van sulfaten. Verder bevatten ze ook geen siliconen, parabenen, alcohol of parfum. Vaak zijn het producten van een “groen” of “natuurlijk” merk die je huid en haar heel wat minder beschadigen.

Al een tijdje merkte ik dat mijn hoofdhuid soms een beetje geïrriteerd was en jeukte. Ik stelde me de vraag of dit zou komen door de ingrediënten in mijn shampoo… Vermits overstappen van “full poo” op “no poo” niet echt aan mij besteed is, leek “low poo” me wel een goede oplossing. Mijn vriendin Diana – die ook veel met gezondheid bezig is – was op zoek naar shampoo en conditioner van het merk Petal Fresh. Zij had gelezen dat deze geen agressieve ingrediënten zouden bevatten. We kochten het beiden bij Etos in Breda, maar in België vind je het merk ook bij Holland & Barrett.

Wat ik ervan vond, lees je een volgende keer…

 

Hotspot in Rijsel: patisserie Meert!

davTijdens onze trip naar Rijsel wilde ik absoluut een bezoek brengen aan Méert, de oudste patisserie van Frankrijk. In 1761 opende chocolaterie Delcourt zijn deuren in de rue Esquermoise. In 1849 nam Oost-Vlaming Michael Paulus Gislinus Méert de zaak over nadat hij vijf jaar de wereld had rondgereisd om zich te verdiepen in ingrediënten zoals suikerriet, cacao en vanille. Hij had ook ervaring opgedaan bij de bekendste patissiers. davMet al zijn vergaarde kennis ontwikkelde hij nieuwe gebakjes en de beroemde wafeltjes met Madagascar vanille, welke vrijwel meteen de specialiteit van het huis zouden worden. In 1909 werd ook het theesalon geopend naar het voorbeeld van de Engelse theehuizen. Bekende klanten waren o.a. Napoleon, onze koning Leopold I, Charles De Gaulle en Georges Simenon.

Tegen een uur of vier trokken we naar het theesalon van patisserie Méert. Het schitterende oude pand heeft een brede voorgevel. Links is de winkel met de patisserie, in het midden de ingang voor het theesalon en het restaurant en rechts een winkel met chocolaterie, thee en koffie. Voor de deur stond er nog een karretje waar ijs werd verkocht. We hadden geluk en kregen onmiddellijk een tafeltje toegewezen (soms zijn er naar het schijnt lange wachtrijen). Het leek wel of de tijd er had stilgestaan. Het interieur straalt sfeer en klasse uit met hoge plafonds, een schitterende kroonluchter en mooie ornamenten. Na enkele minuten kwam de kelner ons vragen om van tafeltje te wisselen omdat wij aan een tafeltje zaten met een stoel met armleuningen en één zonder armleuningen. Twee verschillende stoelen mogen hier blijkbaar niet aan één tafeltje staan… 🙂

Nadat ons de kaart gebracht was, kregen we ruim de tijd om onze keuze te maken. Ik ging voor een tartelette met frambozen (6.60 euro). De frambozen lagen op een heerlijke amandelbiscuit. De macaron was overheerlijk en ook de slagroom was ontzettend  lekker, heel wat minder zoet dan wij in België gewoon zijn. Op mijn cappuccino (5.80 euro) was de sierlijke letter “M” van Méert aangebracht. Caroline lust niet zo graag gebak en daarom had ze geopteerd voor frambozensorbet. Je kon kiezen voor één, twee of drie bolletjes. Voor één bolletje betaal je 3.50 euro. Ze bestelde ook een ice tea Méert (5.50 euro). Nadat wij alles opgesmuld hadden, bleven we nog wat zitten om van de hele setting te genieten. Ook al is het er erg druk, je wordt er echt niet buitengekeken als toerist.

We betaalden dus iets meer dan 20 euro, maar dat was de ervaring zeker waard. Het is geen plek waar je snel een koffietje gaat drinken, je gaat er voor de totaalbeleving: de topkwaliteit en de grandeur! Wij vonden dit beiden hét hoogtepunt van onze trip naar Rijsel.

OKOZ – healthy, organic & fusion

Healthy, Aziatisch en lekker gaan goed samen. OKOZ in de Antwerpse Nationalestraat bewijst dit nog maar eens. Het restaurant is open sinds maart en hun signature dish is “okonomiyaki”, een Japanse hartige pannekoek op basis van groenten. Ik was erg benieuwd…

Een tijdje geleden bezochten we dan OKOZ. We werden er heel vriendelijk ontvangen door de gastvrouw die ons een uitgebreide uitleg gaf over het concept. OKOZ is een okonomiyaki aangepast aan de Westerse smaken en met producten van bij ons. Het wordt gemaakt van een groentenmix, gebakken op de teppanyaki en afgewerkt met een sausje van negen verschillende soorten groenten en fruit dat ook nog gedecoreerd wordt met soya-mayonaise en Japanse kruiden. Je kan het krijgen in een klein of een groot formaat. Vermits wij geen grote eters zijn en ook niet goed wisten of we het lekker zouden vinden, opteerden we voor de kleine variant. Je kan het volgens je eigen smaak pimpen met één of twee spiegeleitjes en/of bacon. Er zijn ook nog enkele toppings en sushirijst, die erg lekker zou zijn verzekerde de dame mij. Ik besloot een “bacon & egg OKOZ” (8€) te nemen met extra rice (2€).

Nadat de bestelling opgenomen was begonnen ze er meteen aan. Wij gingen met ons drankje al aan een tafeltje zitten (Whole Earth Cola). Na ongeveer tien minuten was onze OKOZ klaar! Hij smaakte heerlijk en ook de rijst was ongelooflijk lekker!
Dinsdag zijn we er een tweede keer geweest en toen probeerden we de veggie versie (6€). Die was mooier qua presentatie, maar ik vond de smaak te zoet.

Het restaurant is minimalistisch ingericht. Alle groentjes zijn bio. De bordjes, bekers en bestek zijn bio afbreekbaar. Het lijkt wel een beetje fastfoodachtig (zowel qua prijs als de bordjes waarop je eet, het bestek en evt bekers waaruit je drinkt), maar het is lekker en bovenal erg gezond!

Als je eens iets origineel wilt, is OKOZ zeker een aanrader!

Filmreview: Mama Mia! – here we go again

De eerste Mama Mia! was een daverend succes. Een vervolg kon niet uitblijven… Toch liet deze tweede film tien jaar op zich wachten. Uiteindelijk kwam ook Meryl Streep aan boord, zij het in een uiterst beperkte rol.

Mamma Mia! – Here We Go Again werd in tegenstelling tot de eerste Mamma Mia! – die opgenomen werd op het Griekse eiland Skopelos – gedraaid op het Kroatische eiland Vis en in de Shepperton Studios in Surrey (Engeland).
De eerste film ging over de zoektocht van Donna’s dochter Sophie naar haar vader. In de tweede prent staat het leven van Donna – die een jaar geleden overleed – centraal. De film start met de voorbereidingen van de heropening van het hotel van Donna. Sophie gaat het nu uitbaten onder de naam ‘Hotel Bella Donna’. We komen te weten hoe de jonge Donna op het eiland is terechtgekomen en hoe ze de drie vaders van Sophie ontmoette…  De originele castleden konden de vertolkingen van de jongere versies van hun personages uiteraard niet op zich nemen. De jonge Donna werd op een voortreffelijke wijze vertolkt door de bloedmooie Lily James. Ook de andere jonge acteurs werden zeer goed gecast. Op het einde verschijnt ook Donna’s moeder, gespeeld door Cher (die in werkelijkheid slechts 3 jaar ouder is dan Meryl Streep!) Cher brengt in haar eerste filmrol in acht jaar op geheel eigen wijze de monsterhit “Fernando”.

De film – die van 17 juli in de zalen speelt – duurt 120 minuten. Hij werd geregiseerd door Ol Parker die o.a. ook The Best Exotic Marigold Hotel maakte. Op Imdb kreeg de film 7.3 en op Rotten Tomatoes 80%.

Mama Mia! – here we go again is een leuk vervolg op de eerste film, die ik persoonlijk toch beter vond. Ook indien je Mama Mia! niet gezien hebt, zal je toch van deze nieuwe release kunnen genieten. Ondanks dat de jonge garde het heel goed doet, misten we toch Meryl Streep en de rest van de topcast uit de eerste prent (hoewel ze allemaal nog wel een kleine rol spelen). Uiteraard komen de bekende ABBA-klassiekers aan bod, maar ook een aantal van hun minder bekende nummers passeren de revue. Deze film is bij momenten echt wel “over de top” en “kitcherig”, maar het is een feelgoodfilm die je moet gezien hebben als je van ABBA houdt!

Ons weekendje Rijsel

Vorig weekend gingen we drie dagen naar Lille (of Rijsel, in het Nederlands 😊).
Ons hotel lag net buiten de stad en daarom parkeerden we de wagen in parking Nouveau Siècle, gelegen pal in het centrum en niet te duur (voor de ganse dag betaalden we ongeveer 10 euro).

In Lille was er niet veel te beleven, maar je vindt er wel heel wat mooie gebouwen, die we bijna allemaal (te voet 🙂 ) bezocht hebben.
Een overzichtje:

Op Place Générale de Gaulle – ook wel Grand Place genoemd – staat het prachtige beursgebouw. Het tweede belangrijkste plein van de stad is Place du Theatre met de Opera en de Kamer van Koophandel.

lille7

We brachten ook een bezoek aan de kathedraal van Rijsel: de Notre-Dame de la Treille.
In 1854 werd de eerste steen gelegd, maar de voorgevel dateert van 1999. Deze is erg modern en opvallend (wat je zeker niet van een kathedraal zou verwachten!)

dav

Een beetje buiten het centrum staat de Porte de Paris, zonder twijfel de mooiste stadspoort van Rijsel. Het stadhuis is op datzelfde plein gelegen.

lille2

Aan de andere kant van de stad ligt het geboortehuis van Générale de Gaulle dat bezichtigd kan worden, maar wij aan ons voorbij hebben laten gaan.

lille4

Nadat we heel de stad doorkruist hadden, brachten we ook nog een bezoek aan de zoo. Deze ligt in een groene zone aan de rand van de stad. De inkom bedraagt maar 4 euro (wat een verschil met de dierentuinen bij ons!). Van alle dieren hadden de stokstaartjes zonder twijfel het meeste succes!

lille1

Lille is vooral een stad om te shoppen. Naast de vele winkels in Vieux Lille is er ook Euralille, het overdekte shoppingcentrum. Dit vonden we zeker geen aanrader: dure parking, ontzettend druk en naar onze mening geen unieke, interessante winkels die je elders niet vindt.

Het leukste vonden wij ons bezoek aan patisserie Méert, maar daarover later meer. Ook op het terras van Le Lys op de Grand Place zaten we erg graag.

lille6

Je hebt het vast al begrepen,
Rijsel is voor ons geen stad waar we nog vaak naar zullen terugkeren.

 

5 kapseltips voor dames van 50+

KAPPERIn een vorig blogje pleitte ik al voor wat beweging in je silhouet. Dat gaat ook op voor het kapsel! Het gekende Fabiola kapsel  – goed gefixeerd met haarlak om iedere storm vlekkeloos te doorstaan – willen we immers vermijden! Haar dat beweegt, oogt jonger en dynamischer.

Probeer misschien ook eens één tintje lichter, want soms kan donker haar dat je vroeger prachtig stond met de tijd te hard zijn aan je gelaat. Annemie Turtleboom bijvoorbeeld is zonder enige twijfel een wintertype. Toch zou ik haar liever zien met een haarkleur die een tintje lichter is! Ik vind haar zwarte haren ondertussen een beetje te hard voor haar gelaat.

Een gezegde dat opgaat voor dames van 50+ is “als je haar lang genoeg is om op te steken, is het te lang om los te dragen”. Lang haar kan enkel als het losjes (beweging!) opgestoken wordt.

Een pony doet je er jonger uitzien. Opteer echter niet voor een te korte of te bolle variant! Een schuine pony is voor de meeste dames het meest flatterende!

Grijs haar kan, maar vraagt erg veel verzorging! Je dient het echt heel regelmatig te laten knippen, anders maakt het je ouder. Aangeraden is om een speciale shampoo met lila ondertoon te gebruiken, want grijs haar met een geelgoude schijn is niet mooi.

Aziatische foodbar “Doi Doi”

doi3
De Aziatische foodbar Doi Doi in de Nationalestraat in Antwerpen is open sinds september 2017. Hoog tijd dus voor een bezoekje!

De jongedame die de zaak openhoudt, Erika Xuan Nguyen, heeft Vietnamese roots. Haar ouders kwamen als bootvluchtelingen naar België en zij zelf werd hier geboren. Het gezin hechtte veel belang aan koken en eten.

 

Doi Doi telt acht tafeltjes en dan nog wat plaatsen aan hoge tafels. Er is ook een klein terras. De kaart is vrij uitgebreid met spring rolls, bao buns, broodjes, noodlesoepen en bowls. Wij besloten te foodsharen en bestelden edamame, dim sum, miso soep en bao’s.

 

De edamame, geserveerd met wat zout, zijn onvolwassen sojabonen die veel in Azië worden gegeten, maar nu ook hun weg hebben gevonden naar het Westen. We aten de boontjes voor het eerst in Doi Doi en ze vielen goed in de smaak (qua smaak én plezier om ze te eten). De dim sums werden aantrekkelijk geserveerd met drie verschillende, kleurrijke sausjes.  De bao’s (we kozen allebei voor de optie hot prawn) zagen er erg mooi uit. Ze waren wel heel anders dan wij gewoon zijn bij Sum Sum. Daar zijn het gestoomde broodjes en hier waren de broodjes gebakken. Beiden zeer lekker, maar wij zijn toch het meest fan van de gestoomde bao.

Het Vietnamese “Doi” betekent eigenlijk “honger”, een toepasselijke naam dus…
De bediening is zeer vriendelijk en het eten was heel mooi gepresenteerd, maar bovenal erg lekker! Toen wij arriveerden konden we nog een tafeltje uitkiezen, maar na een tijdje zat de foodbar bijna helemaal vol en dit op een doordeweekse middag (in de zomervakantie). Healthy Aziatisch streetfood zit immers in de lift! Wij keren beslist nog terug en dan wil ik de springrolls zeker eens proberen, want die zagen er ook heerlijk uit!